Verkoopt u aan winkels, dan legt u in de verkoopovereenkomst en algemene voorwaarden vast hoe er wordt besteld, of de winkelier mag annuleren en tegen welke kosten, wanneer er wordt betaald en of u…
De brutomarge toont hoeveel omzet overblijft na betaling van directe kosten: kosten die direct bij je verkochte product horen, zoals materialen, inkoopkosten of uitbesteed werk (DigiBoox).
Btw die je in rekening brengt, is geen omzet: het bedrag draag je af aan de Belastingdienst. Je marge wordt daarom bepaald door je omzet exclusief btw en je kosten exclusief aftrekbare btw.
Bij import uit een andere EU-lidstaat geldt vrij verkeer van goederen: de EU is één markt zonder binnengrenzen. Douaneaangifte is niet nodig en u betaalt geen invoerrechten.
Of je vergunningen nodig hebt, hangt volgens Ondernemersplein af van je beroep en activiteiten. Sommige bedrijven hebben al vóór de start een vergunning nodig.
Wie als groothandel of webwinkelier producten doorverkoopt, kiest uit drie routes: inkopen bij een binnenlandse groothandel of gespecialiseerde importeur, zelf importeren bij een producent of…
Vijf factoren bepalen de keuze: volume per order, benodigde assortimentsbreedte, gewenste marge, levertijd en hoeveel risico en administratie je zelf wilt dragen.
Zakelijke kopers oriënteren zich online voordat ze inkopen. In B2B onderzoekt 92% van de kopers aankopen op Amazon Business; 82% koopt daar ook, blijkt uit onderzoek dat Madia aanhaalt.
Laten beide bedrijven bij het sluiten van een overeenkomst hun eigen algemene voorwaarden gelden, dan ontstaat een battle of forms: onduidelijkheid over welke voorwaarden van toepassing zijn.
Groothandel en distributie gaan beide over goederen die van producent naar afnemer gaan, maar zijn geen synoniemen. Het onderscheid vervaagt doordat een groothandel zelf distribueert.
Bij een groothandel zit het kernprobleem vaak in de volgorde van de geldstromen: eerst moet worden ingekocht, daarna pas verkocht, en tussen inkoop en klantbetaling ligt vaak een periode waarin…
Bij verkoop op rekening lever je eerst en betaalt de klant later. Dat geeft het risico dat een zakelijke klant niet betaalt. Een kredietcheck helpt dat risico in te schatten.
Verkoop je aan een winkel of bedrijf, dan is je klant zakelijk: hij handelt in de uitoefening van beroep of bedrijf. Een consument handelt voor doelen buiten zijn bedrijfs- of beroepsactiviteit.